- Platform: Switch
- Genre: Action
- Franchise: The Legend of Zelda
- Releasejaar: 2017
Na tientallen uren door Hyrule te hebben gezworven, deel ik hier mijn volledige speelervaring met Breath of the Wild op de Nintendo Switch.

De sprong naar Hyrule
Link opent zijn ogen in een donkere grot, en binnen twee minuten sta ik buiten op een klif met uitzicht over heel Hyrule. Geen minimap vol icoontjes, geen quest-marker die me naar het eerste dorp stuurt. De camera draait langzaam, het landschap strekt zich uit tot aan de horizon, en de game zegt precies niets. Dat moment zette de toon voor alles wat volgde.
Breath of the Wild breekt radicaal met de structuur die ik van eerdere Zelda-games kende. Geen lineaire dungeon-volgorde, geen items die je progressie bepalen, geen NPC die je bij de hand pakt voor de eerste drie uur. Op het Great Plateau leer je de basisvaardigheden door ze te ontdekken, niet door een tutorial-scherm. De Sheikah Slate geeft je vier runes, en daarmee trek je de wereld in. Hoe je dat doet, is volledig aan jou.
Het eerste uur voelde onwennig. Ik rende doelloos rond, brak een paar takken af om mee te slaan, en stierf drie keer tegen dezelfde groep Bokoblins omdat ik dacht dat brute kracht genoeg was. Op dat moment werd duidelijk dat Breath of the Wild verwacht dat je nadenkt, observeert en improviseert. De game geeft je vrijheid, maar die vrijheid heeft consequenties.
Klimmen, koken en improviseren
De kern van Breath of the Wild draait om systemen die constant op elkaar inwerken. Stamina bepaalt hoe ver je klimt, hoe lang je zwemt en hoe snel je uitgeput raakt in gevecht. Regen maakt rotswanden glad, waardoor een geplande route naar een bergtop opeens onmogelijk wordt. Bliksem trekt metalen wapens en schilden aan, dus midden in een onweer moet je snel je uitrusting wisselen of je wordt geraakt. Elk systeem speelt mee, en dat maakt elke situatie net anders dan de vorige.
Koken is verrassend belangrijk. Ingrediënten vind je overal in de wereld, van appels en paddenstoelen tot insecten en monsteronderdelen. Door combinaties uit te proberen maak je gerechten die je hartjes herstellen, tijdelijk extra stamina geven of je beschermen tegen kou en hitte. Het systeem heeft geen receptenboek. Alles is trial-and-error, en dat past perfect bij de rest van de game.
Wapenslijtage is het meest controversiële onderdeel. Elk zwaard, elke speer, elk schild heeft een beperkte levensduur. Een sterk wapen kan na vijf of zes vijanden al breken. In het begin frustreerde me dat enorm, omdat ik geneigd was om goede wapens op te sparen en vervolgens met een stok tegen een Hinox te staan slaan. Na een paar uur veranderde mijn mindset. De game dwingt je om flexibel te zijn, om te werken met wat je hebt en creatieve oplossingen te zoeken. Een metalen kist op een vijand laten vallen met Magnesis, een explosief vat naar een kamp rollen, of een Bokoblin van een klif duwen met Stasis. De physics engine maakt dat soort momenten mogelijk, en ze voelen elke keer belonend.
Toch snap ik dat sommige spelers hier afhaken. Als je gewend bent aan een vaste loadout die je gedurende de game upgradet, voelt de constante wisseling van wapens chaotisch. De inventaris is beperkt, en het micromanagement dat daarbij komt kijken is niet voor iedereen leuk. Die spanning tussen vrijheid en frustratie loopt door de hele game heen.
De stilte tussen de stippen
Hyrule is groot, maar het voelt niet leeg. Dat is het verschil met veel andere open-wereld games die hun kaart vullen met honderden identieke collectibles. Breath of the Wild plaatst interessante dingen net buiten je gezichtsveld. Een vreemde rotsformatie op een heuvel, een eenzame boom op een vlakte, een lichtflits in de verte. De game traint je om nieuwsgierig te zijn, en die nieuwsgierigheid wordt bijna altijd beloond.
Shrines vormen de ruggengraat van de exploratie. Er zitten er 120 in de game, verspreid over de hele kaart. Sommige vind je direct langs de weg, andere zijn verstopt achter puzzels in de overwereld. Elke shrine bevat een korte uitdaging, meestal gebaseerd op physics of de rune-abilities. De moeilijkheidsgraad varieert flink. Bepaalde shrines los je in dertig seconden op, terwijl andere je tien minuten laten piekeren over een mechanisme dat je eerder nog nooit op die manier hebt gebruikt.
Torens functioneren als uitkijkpunten die een deel van de kaart onthullen, maar ze markeren geen points of interest. De kaart blijft grotendeels leeg totdat je zelf pins plaatst. Dat klinkt onhandig, maar het werkt verrassend goed. In plaats van een checklist af te werken, kies je zelf waar je naartoe gaat op basis van wat je ziet. Een bergketen in de verte, een vreemd gekleurd bos, rook die uit een vallei opstijgt. Die visuele hints sturen je verkenning op een organische manier.
Tussen de shrines en torens door zijn het de kleine ontdekkingen die het meeste indruk maken. Een Korok-puzzel onder een steen, een geheim kamp met een zeldzaam wapen, of een NPC met een sidequests die je naar een compleet nieuw gebied leidt. Het ritme van Breath of the Wild is langzaam en contemplatief, onderbroken door korte bursts van actie. Die afwisseling houdt de verkenning fris, zelfs na tientallen uren.
Hyrule hoort je spelen
Breath of the Wild ziet er prachtig uit, en dat komt niet door technische kracht. De cel-shaded kunststijl met zachte kleuren en brede horizonten geeft Hyrule een tijdloos uiterlijk. Zonsondergangen kleuren de heuvels oranje, sneeuw op de bergtoppen glinster in het licht, en de schaduwen verschuiven zichtbaar naarmate de dag vordert. Op de Switch draait de game in 900p docked en 720p handheld, en ondanks die bescheiden resolutie oogt alles helder en leesbaar.
De muziek verdient speciale aandacht, juist omdat er zo weinig van is. Grote delen van de verkenning verlopen in stilte, met alleen omgevingsgeluiden als begeleiding. Wind door het gras, vogelgeluiden, het knetteren van een kampvuur. Af en toe klinkt een zachte pianomelodie die net zo snel weer verdwijnt. Die terughoudendheid versterkt het gevoel van eenzaamheid in de wereld. Tijdens gevechten en in specifieke gebieden schakelt de muziek over naar vollere composities, waardoor die momenten extra impact krijgen.
De Switch draagt die sfeer goed, ook in handheld-modus. Het kleinere scherm maakt de wereld compacter maar niet minder indrukwekkend. Ik speelde grote delen van de game onderweg, en de combinatie van koptelefoon en handheld-modus gaf de stille momenten een extra laag intimiteit die op een tv-scherm minder sterk overkwam.
Vrijheid met scherpe randen
Technisch is Breath of the Wild niet vlekkeloos op de Switch. In het Korok Forest daalt de framerate regelmatig onder de 30 fps, en ook in gebieden met veel gras en particle effects hapert het beeld merkbaar. Docked is dit vaker een probleem dan in handheld-modus, waar de lagere resolutie de hardware wat meer ruimte geeft. Het is nooit onbespeelbaar, maar het valt op in een game die verder zo gepolijst aanvoelt.
Het inventarissysteem is functioneel maar omslachtig. Wapens, schilden, bogen, materialen en voedsel zitten allemaal in aparte tabbladen, en het wisselen van uitrusting tijdens gevechten vereist dat je het spel pauzeert en door menu’s scrollt. Na honderd uur went dat, maar elegant is het niet. De beperkte wapeninventaris dwingt je bovendien om constant keuzes te maken over wat je meeneemt en wat je achterlaat, en dat voelt in de late game meer als een vervelende beperking dan als een interessante afweging.
De leercurve rond resources en overleven is steil in de eerste uren. Kou doodt je als je zonder warme kleding een berg beklimt, hitte put je uit in de woestijn, en sterke vijanden hakken je in één klap neer. De game geeft minimale aanwijzingen over hoe je je hierop voorbereidt. Dat past bij de filosofie van zelf ontdekken, maar het kan frustrerend zijn als je drie keer achter elkaar doodgaat zonder te begrijpen waarom.
Anno 2017 was Breath of the Wild technisch indrukwekkend voor een launch-titel op de Switch. Inmiddels verraadt de game op sommige punten zijn leeftijd. Pop-in van objecten op afstand is zichtbaar, en de draw distance voor vijanden en NPC’s is beperkt. Dat doet niets af aan de gameplay, maar het is goed om te weten als je de game nu voor het eerst oppakt.
Voor wie deze reis blijft hangen
Breath of the Wild is op zijn best als je bereid bent om je eigen pad te kiezen en de game op zijn eigen tempo te nemen. De spelers die hier het meest uithalen zijn degenen die van nature nieuwsgierig zijn, die een berg zien en willen weten wat er aan de andere kant ligt. De game beloont geduld, observatie en experimenteren. Als dat klinkt als jouw manier van spelen, dan is dit een van de sterkste ervaringen die de Switch te bieden heeft.
Tegelijk is het eerlijk om te zeggen dat de open structuur niet voor iedereen werkt. Als je duidelijke doelen nodig hebt, een strak verhaal dat je vooruit trekt, of een progressiesysteem met constante upgrades, dan kan Breath of the Wild aanvoelen als doelloos rondzwerven. Het hoofdverhaal is aanwezig maar dun, de memories-quests zijn optioneel, en de eindbaas is technisch gezien bereikbaar zodra je het Great Plateau verlaat. Die vrijheid is de grootste kracht van de game, maar ook de grootste drempel.
De 120 shrines bieden genoeg variatie om tientallen uren te vullen, maar na shrine nummer 80 begint de formule te herhalen. Dezelfde soorten puzzels keren terug in licht gewijzigde vormen, en de beloningen, Spirit Orbs voor extra harten of stamina, voelen op een gegeven moment minder urgent. De Korok Seeds, 900 in totaal, zijn leuk als bijvangst maar worden nooit een doel op zich. Het Zonai loreboek uit Tears of the Kingdom werpt overigens nieuw licht op de geschiedenis van Hyrule en de mysteries die Breath of the Wild introduceerde.
Breath of the Wild vraagt veel van je aandacht en geeft weinig structuur terug. Dat is een bewuste keuze, en voor de juiste speler maakt het de game onvergetelijk. Ga er met open vizier in, verwacht geen hand die je leidt, en laat Hyrule zijn werk doen. Wil je meer weten over andere videogames die een vergelijkbare vrijheid bieden, dan vind je daar genoeg inspiratie.
Waar kun je Breath of the Wild kopen?
Breath of the Wild is zowel fysiek als digitaal verkrijgbaar voor de Nintendo Switch bij diverse Nederlandse retailers. De geschatte prijs ligt tussen de €55,00 en €63,00, afhankelijk van de winkel en eventuele aanbiedingen. Digitaal is de game beschikbaar via de Nintendo eShop, direct op je Switch. (Prijzen kunnen variëren. Koop bij voorkeur via officiële retailers voor garantie en klantenservice.)
Bekijk The Legend of Zelda: Breath of the Wild in actie:
Bekijk The Legend of Zelda: Breath of the Wild in actie:




