Pokémon Yellow: Special Pikachu Edition – de Game Boy-klassieker opnieuw beleefd

arrow-down
  • Platform: Nintendo
  • Genre: Action
  • Franchise: Pokémon
  • Releasejaar: 1998

Ik pakte de cartridge weer op en speelde Pokémon Yellow van begin tot eind, met Pikachu achter me aan door heel Kanto. Dit is mijn verslag van hoe die reis anno nu voelt.

Uitgelichte thumbnail van Pokémon Yellow: Special Pikachu Edition met Pikachu en de Game Boy-stijl van de klassieker

Pikachu als reisgenoot

Pikachu staat achter je zodra je Pallet Town verlaat. Niet in een Poké Ball, niet ergens in een menu, maar zichtbaar op het scherm, een paar stappen achter je aan hobbelend. Draai je om en praat je met hem, dan verschijnt er een klein portretje met een gezichtsuitdrukking. Soms blij, soms chagrijnig, afhankelijk van hoe je hem behandelt. Dat klinkt simpel, en dat is het ook, maar het verandert de toon van de hele game.

In Red en Blue kies je een starter en die verdwijnt in je team als een set stats. Pokémon Yellow dwingt je om met Pikachu te beginnen en weigert hem in een Poké Ball te stoppen. Het gevolg is dat je relatie met die ene Pokémon veel meer op de voorgrond staat. Stuur Pikachu de strijd in tegen een Rock-type en hij gaat onderuit, waarna zijn gezichtje duidelijk minder vrolijk is. Geef hem een potion en de boel klaart weer op. Het is geen diep systeem, maar het werkt verrassend goed als emotioneel anker.

Die keuze om Pikachu centraal te zetten maakt Pokémon Yellow ook meteen moeilijker dan Red en Blue in de openingsuren. Brock’s Gym is een nachtmerrie met een Electric-type als starter. Dat dwingt je om eerst een Nidoran of Mankey te vangen en te trainen voordat je überhaupt de eerste badge kunt halen. De game zet je dus vanaf het begin op een ander pad, en dat maakt de eerste uren verrassend fris voor wie de originele versies kent.

De eerste gym-rondjes

Zodra je Pewter City bereikt, wordt de kernloop van Pokémon Yellow duidelijk. Vang Pokémon in het hoge gras, train ze tot ze sterk genoeg zijn, en ga de Gym Leader uitdagen. Die loop is in 1998 neergezet en werkt nog steeds. De turn-based gevechten zijn traag naar moderne maatstaven, maar er zit een bevredigende structuur in het opbouwen van je team. Elke route naar een nieuwe stad voelt als een klein project, met nieuwe types om te vangen en nieuwe trainers om te verslaan.

Wat opvalt als je Pokémon Yellow nu speelt, is hoe weinig de game je bij de hand neemt. Er is geen quest marker, geen minimap, geen tutorial die je precies vertelt waar je heen moet. De NPC’s in de steden geven hints, en de rest zoek je zelf uit. Dat voelt in het begin verfrissend na jaren van videogames die je overal doorheen loodsen. Tegelijk merk je ook dat sommige momenten onnodig vaag zijn, vooral in de latere dungeons waar de lay-out behoorlijk verwarrend kan zijn zonder enige aanwijzing.

De eerste drie gyms, Brock, Misty en Lt. Surge, vormen een mooie opbouw in moeilijkheid. Brock dwingt je om creatief te zijn met je team, Misty test of je genoeg hebt getraind, en Lt. Surge gooit er een puzzel met vuilnisbakken bij. Elk gevecht met een Gym Leader voelt als een klein eindexamen van alles wat je tot dan toe hebt geleerd op die route. Die structuur is simpel, maar de voldoening bij het winnen van een badge is er niet minder om. Het strategische aspect van type-matchups en movesets per format speelt hier al een rol, ook al is het systeem nog niet zo uitgebreid als in latere generaties.

Hoe voelt Kanto anno nu?

Kanto is klein. Dat is het eerste wat opvalt als je de regio nu doorloopt. De steden bestaan uit een handvol gebouwen, de routes zijn kort, en de dungeons zijn compact. Toch voelt de wereld samenhangend op een manier die veel latere Pokémon games missen. Elke stad heeft een eigen identiteit, van Cerulean City met zijn brug vol trainers tot Lavender Town met zijn griezelige Pokémon Tower. De overgangen tussen gebieden voelen logisch, en de wereld nodigt uit om terug te keren naar plekken die je eerder hebt bezocht.

Wat Kanto bijzonder maakt in Pokémon Yellow is de compactheid. Er zit geen padding in deze wereld. Geen eindeloze corridors met niets erin, geen verplichte cutscenes die je voortgang onderbreken. De game duwt je steeds net genoeg om verder te gaan, via een geblokkeerde route hier of een NPC die je een HM geeft daar. Dat ritme houdt de reis interessant, ook al is de wereld technisch gezien piepklein.

Sommige routes hebben een verrassende gelaagdheid. Cycling Road is een rechte lijn naar beneden, maar de trainers die je onderweg tegenhouden maken het een soort gauntlet. Rock Tunnel is pikdonker zonder Flash, waardoor je gedwongen wordt om een Pokémon die move te leren. Die kleine ontwerpmomenten geven structuur aan de reis en zorgen ervoor dat elke route zijn eigen karakter heeft, ondanks de beperkte middelen van de Game Boy.

Team Rocket, rivalen en tempo

Pokémon Yellow leunt harder op de anime dan Red en Blue, en dat is vooral merkbaar bij Team Rocket. Jessie, James en Meowth duiken op specifieke momenten op als tegenstanders, compleet met hun eigen sprites. Die encounters geven de game een eigen gezicht dat de andere versies niet hebben. Het zijn geen moeilijke gevechten, maar ze breken het ritme op een leuke manier en voegen wat persoonlijkheid toe aan de villain-lijn.

De rivaal is een ander verhaal. Hij duikt op de meest ongelegen momenten op, vaak net als je team halfgezond is na een lange route. Zijn team groeit mee met het jouwe, en de gevechten worden gaandeweg serieuzer. Wat goed werkt, is dat hij altijd net iets sterker voelt dan je verwacht. Dat houdt je scherp, ook al is de AI niet bepaald briljant naar huidige standaarden.

Waar Pokémon Yellow minder goed scoort, is het tempo in het middenstuk. Na de vierde badge zakt de vaart er een beetje uit. De routes worden langer, de random encounters stapelen zich op, en het gebrek aan een run-knop maakt het doorkruisen van bekende gebieden traag. Elke keer dat je door een grot loopt en om de vijf stappen een wild Zubat tegenkomt, voel je de leeftijd van de game. Dat is geen dealbreaker, maar het is goed om te weten dat Pokémon Yellow niet constant hetzelfde tempo aanhoudt.

Sprites, piepjes en geheugen

Pokémon Yellow draait op een Game Boy en dat zie je. De sprites zijn klein, de kleuren beperkt, en animaties bestaan nauwelijks. Toch hebben de Pokémon-ontwerpen een charme die moeilijk te ontkennen is. De verbeterde sprites ten opzichte van Red en Blue maken een groot verschil. Pikachu ziet er schattig uit, Charizard ziet er dreigend uit, en zelfs een simpele Rattata heeft genoeg detail om herkenbaar te zijn op dat kleine scherm.

De muziek is waar Pokémon Yellow boven zijn technische beperkingen uitstijgt. Het Lavender Town-thema, de Gym Leader battle-muziek, het overwinningsdeuntje na een gewonnen gevecht: deze tracks zijn met een paar chiptune-kanalen gemaakt en toch ongelooflijk effectief. Na een paar uur spelen zitten de melodieën in je hoofd, en ze gaan er niet meer uit. De geluidseffecten zijn simpeler, met Pikachu als uitzondering. Die heeft als enige Pokémon in de game een gedigitaliseerde stem uit de anime, wat hem nog meer persoonlijkheid geeft.

Technisch gezien draait Pokémon Yellow stabiel. Er zijn geen crashes, geen bugs die je voortgang blokkeren, en de game laadt snel. De beperkingen zitten hem in de interface. Het bag-systeem is omslachtig, items wisselen kost te veel stappen, en het PC-systeem voor het opslaan van Pokémon is traag. Dat zijn stuk voor stuk problemen die latere generaties hebben opgelost, maar in 1998 was dit de standaard.

Voor wie is Pokémon Yellow nog steeds de moeite waard?

Pokémon Yellow is op zijn best voor spelers die willen zien waar de franchise begon. De game biedt een compacte, overzichtelijke Pokémon-ervaring zonder de complexiteit van latere generaties. Er zijn geen abilities, geen held items, geen EV-training om je zorgen over te maken. Dat maakt het een toegankelijke ervaring die je in zo’n 20 tot 25 uur kunt uitspelen, afhankelijk van hoeveel je wilt vangen.

Tegelijk moet je bereid zijn om een aantal ouderwetse frustraties te accepteren. Het ontbreken van een run-knop, de trage menu’s, de hoge frequentie van random encounters en het beperkte bag-systeem zijn allemaal aspecten die in latere games flink zijn verbeterd. Als je gewend bent aan de quality-of-life features van Pokémon Scarlet en Violet of zelfs FireRed en LeafGreen, dan voelt Pokémon Yellow op momenten stroef.

De Pikachu-gimmick tilt de game boven Red en Blue uit voor wie de anime-connectie waardeert. De aangepaste starter, de Team Rocket-encounters en de verbeterde sprites geven Pokémon Yellow net genoeg eigen identiteit om het los van nostalgie te rechtvaardigen. Het blijft een game uit 1998 met alle beperkingen die daarbij horen, maar de kern van wat Pokémon groot heeft gemaakt zit hier al volledig in.

Waar kun je Pokémon Yellow kopen?

Pokémon Yellow: Special Pikachu Edition is alleen nog tweedehands verkrijgbaar als originele Game Boy-cartridge. De Nintendo 3DS eShop, waar de game digitaal beschikbaar was, is sinds maart 2023 gesloten voor nieuwe aankopen. Tweedehands prijzen variëren van ongeveer €20 voor een losse cartridge tot €165 voor een compleet exemplaar met doos en handleiding. Zoek bij winkels als Nedgame, Game Mania, CeX of op Marktplaats en eBay naar beschikbare exemplaren.

(Controleer bij tweedehands aankopen altijd de authenticiteit van de cartridge en de werking van de interne batterij, die nodig is voor het opslaan van je voortgang. Prijzen kunnen sterk variëren afhankelijk van staat en compleetheid.)

Bekijk Pokémon Yellow: Special Pikachu Edition in actie:

Bekijk Pokémon Yellow: Special Pikachu Edition in actie:


YouTube video preview
Bas_SBW
Video Games Editor